Mythes, van de oude Babyloniers/Mesopotamiers, Grieken, Romeinen, Noren, Germanen, Azteken, Egyptenaren, enz, geven als niets anders de moeilijk abstraheerbare patronen achter onze fenomenologisch gepresenteerde werkelijkheid weer, gevangen uit onze diepe collectieve onbewuste. De orale vertellingen rond het kosmische gouden ei van de Hindoestanen en andere Oosterse beschavingen vertellen niets anders dan de moderne wetenschappelijk gestoelde ondervinding dat een oerknal, dan wel oersoep aan het ontstaan van het universum ten grondslag ligt.

Bovendien weten deze grote vehalen altijd universele thema’s aan te spreken die het individu tot authentieke herkenning en erkenning dwingen, welke binnen het hermeneutisch proces een unieke en individuele interpretatie initieren en terug de collectieve fenomenologische wereld in sturen middels geexpliciteerde catharsis. Zo kan ik jouw leringtrekking uit een bepaalde mythe herzien, verversen en verdiepen door de mijne met je te delen, waardoor de collectieve werkelijkheid als een eindeloos schiftende aaneenschakeling van ijsschotsen over de diepe ijszeeen van het collectief onbewuste drijven.

Het meerendeel van de hier geposte mythes zijn persoonlijk geconstrueerde collages van reeds bestaande mythologieen, waar ik wel of niet bestaanskennis van had, wat in essentie dus geen verschil maakt met de oorspronkelijke ontologische principes uit de oermythes.

Zij zijn allen autobiografisch, persoonlijk uniek en tegelijkertijd universeel.