haan en kippen

Begin van de vorige zomer werd ik vrij plotsklaps vrijgezel. En als ik vrijgezel ben, krijg ik de gekste ideeën. Deze keer besloot ik naar een commune in Zuid-Spanje te gaan. Op zoek naar rust en mijzelf. De commune was prachtig: 200 hectare aan bergen, rotspartijen, vegetatie van allerlei gage (welke overwegend een zachte zoete geur afscheidde) en een kabbelend beekje met paradijselijke begroeiing erlangs dat tussen de bergen door liep. Op het landgoed was een bruisend wildleven van herten, everzwijnen, slangen, kikkers, vogels en prikkende insecten. In dat laatste huisde al de eerste levensles. De gigantische prikkende mieren en vliegen moest je accepteren, daar zij onderdeel van het ecosysteem zijn, en dus de natuurkrachten zijn. Bovendien kon je er niet tegen vechten, ze waren simpelweg met te veel. De circa 20 bewoners van de commune waren zachtaardig, hulpvaardig, coöperatief, tolerant en vooral heel erg zen. Zij onderhielden geiten, schapen, paarden en…kippen. Maar daar over later meer. Het mooiste aan de hele ervaring in de commune was dat je als bewoner onderdeel uitmaakte van een energetische cyclus tussen het land, de dieren en de mensen, gefaciliteerd door de krachten van de natuur (wind en zon). De zon wekte je om vervolgens gezamenlijk het land en de dieren te prijzen en te bedanken. Na een hele dag het land en zijn vegetatie en de dieren verzorgd te hebben wordt duidelijk waarom: het geeft je verse groente, fruit, melk, kaas, yoghurt, honing, eieren en vlees terug. Zo ontvang je de energie terug die je de volgende dag weer in het land en de dieren steekt. De cirkel is rond.

de onderkant van je auto dermate beschadigen dat je naar de garage moet en geld betaald, om ervoor te zorgen dat we niet achteloos een kind doodrijden?! Aangekomen op het werk wordt het allemaal nog veel erger: de rusteloze jacht naar efficiëntie, de wantrouwige zucht naar controle en schijnveiligheid middels regels en bureaucratie, en energetisch leeggezogen mensen achter computerschermen. Iedereen vergrijpt zich gretig aan versnaperingen die volgens mijn nieuwe standaard niet als voeding door gaan, en geld faciliteert alles. Ik heb het er wekenlang moeilijk mee, en ik wil terug naar de commune.

Dit is echter praktisch – vooral financieel – niet haalbaar, waarop ik besluit om de commune dan maar naar mij te halen: ik bind een bandana om, ik begin mijn eigen groenten en fruit te verbouwen in mijn achtertuin, construeer een heus hippie-hok (buitenslaapkamer) en neem kippen: 4 kippen, waarvan 1 een kuiken. Dit is een zwarte witkuif kip.

Op een zekere blauwe maandagochtend, enkele weken daarna, om 7:15 precies, als ik aan de koffie, het ontbijt en de krant zit, hoor ik een vreemd geluid uit de tuin. Er is vaker commotie in de kippenren: er is vermoedelijk een ei gelegd, of gevaar van buitenaf, of ruzie onderling over voedsel…dit was anders, een nieuw geluid. Het klonk als het keelschrapen van een oude doorgewinterde zware shagroker. De eerste keer negeer ik het geluid, maar de tweede keer ga ik toch op onderzoek uit. Ik zie dat het inmiddels puberende kuiken zijn borst vooruit drukt, en weer dat geluid! Zou het…het zal toch niet…maar dat zou wel heel bijzonder zijn!

Ik ben achter de computer gaan zitten en gaan Googlen. Opvallend is hoeveel websites er zijn voor het determineren van kippenseksen, zelfs voor specifieke rassen! Zo ook voor de zwarte witkuifkip. Ik print een foto van de haan en de hen uit en houdt deze naast mijn zwarte witkuifkuiken: slappe kuif, opstaande staart, grote lellen, borst vooruit…het kon niet meer missen: ik heb een haan! Een bijna onbeschrijfelijk enthousiasme maakte zich meester van mij. Mijn toenmalige vriendin (het was inmiddels weer aan, omdat ik helemaal zen was geworden), omschreef mijn enthousiasme zeer treffend in een sinterklaas gedicht: ‘Mijn god ik heb een haan. Het is een wonder. Kijk hem eens staan, ik laat hem nooit meer gaan…etc’. Dat ging een kwartier zo door. Sja, een haan is toch het toonbeeld van mannelijkheid, dat doet iets met een man. Hoe is het mogelijk, fantaseerde ik verder, zo magisch en bijzonder…ik bedoel: veel mensen hebben kippen, maar een haan?! Die zijn toch wat schaarser. Waarom eigenlijk…? Vroeg ik mij af. Op dat moment verloor ik langzaamaan mijn enthousiasme…we weten waarom hanen schaars zijn. Mensen hekelen hanen. Ze zijn luidruchtig en nutteloos, want leggen geen eieren. Ze verstoren ieders zorgvuldig geconstrueerde dag- en nachtstructuur, als zand in de machine. ‘Sommige mensen moeten wel werken!’, hoor ik de overbuurman in gedachte al roepen, alsof hij tegen een groep Marokkaanse hangjongeren roept dat ze ergens anders moeten gaan staan blowen en rappen.

Maar waarom kraait een haan? De haan begroet in de ochtend de zon, het land, zijn mededieren, opdat dit alles draait op de krachten van het aardmagnetisch veld – de natuur. Vervolgens gaan zij op zoek naar eten en planten zij zich voort. Nog voor de zon onder is, nemen zij hun rust op stok. Het is moeilijk om te achterhalen waar wij de natuur uit het oog verloren zijn, maar feit is dat we nu de haan als kop-van-jut zien die uit naam der natuur onze betweterige manier van leven compleet doorkruist.

Kenmerkend hierbij is de manier waarop Geert Wilders ‘luidruchtige’ en ‘nutteloze’ Marokkanen het land uit wil hebben. Omdat ik mij geenszins wil laten associëren met hem, besluit ik de haan te houden en hem Geert te noemen.

Een aantal maanden verder, wacht ik nog steeds op het moment dat de voorzitter van de buurtvereniging tijdens een van de vergaderingen de vuist hard op tafel slaat en roept:

‘We willen minder hanen!’,

waarop het voltallige gezelschap in harmonie antwoord:

‘Ja!’.